Nieuw receptenboek voor een kwaliteitsvolle praktijkvoering gewikt en gewogen

De nieuwe wet kwaliteitsvolle praktijkvoering van 22 april 2019 wordt aangekondigd als de wet die de patiënt altijd en overal kwaliteitsvolle en veilige zorg garandeert. De wet biedt het voordeel dat een aantal uiteenlopende verplichtingen gebundeld zijn in één kader. Of de wet de hooggespannen verwachtingen ook daadwerkelijk kan inlossen, is minder duidelijk. Een volledige uitvoering van de wet vergt niet minder dan 38 uitvoeringsbesluiten, waardoor niet één maar een karrenvracht aan hete aardappelen is doorgeschoven naar de volgende regering. Ook op het vlak van toezicht en handhaving, waartoe deze blogpost zich beperkt, zijn er nog losse eindjes.

Een bont allegaartje

De wet kwaliteitsvolle praktijkvoering bevat een grote verscheidenheid aan maatregelen om de kwaliteit van de gezondheidszorg te bevorderen. Een aantal daarvan zijn niet volledig nieuw maar worden, al dan niet gewijzigd, overgeheveld vanuit de wet uitoefening gezondheidszorgberoepen (hierna: WUG), zoals de bepalingen over diagnostische en therapeutische vrijheid. De bepaling over het kenbaar maken van praktijkinformatie was eerder ingevoerd door de wet van 30 oktober 2018 en is al van kracht. Daarnaast zijn er nieuwe regels over bekwaamheid en visum, karakterisatie van patiënten en verstrekkingen, omkadering van de zorg, anesthesie, voorschrift, patiëntendossier en toegang tot gezondheidsgegevens.

Minstens even belangrijk als deze nieuwe verplichtingen is het toezicht op de naleving ervan (geregeld in art. 41-63). De wetgever machtigt de Koning om voor risicovolle gezondheidsverstrekkingen een systeem van peer review in het leven te roepen. Daarnaast zal een nieuwe, nog op te richten commissie toezicht houden op de praktijkvoering van individuele zorgverstrekkers. Met het oog op dit toezicht moet het Directoraat-Generaal Gezondheidszorg voortaan een register van praktijken aanleggen.

Een nieuw toezichtsorgaan en uitgebreidere inspectiebevoegdheden…

De belangrijke vernieuwing op het gebied van toezicht en handhaving is zonder twijfel de nieuwe, nog op te richten Federale Commissie voor toezicht op de praktijkvoering in de gezondheidszorg (hierna: toezichtscommissie). De toezichtscommissie zal de plaats innemen van de Provinciale Geneeskundige Commissies. Deze commissies stonden dicht bij het terrein maar ontbeerden de nodige middelen en de onderzoeksbevoegdheden om krachtdadig te kunnen optreden.

De toezichtscommissie zal kunnen bouwen op ruimere inspectiebevoegdheden op het terrein (art. 49 e.v.) en zou – mits er voldoende middelen worden vrijgemaakt – een rol van betekenis kunnen spelen. De toezichtscommissie oefent het toezicht uit door een systematisch toezicht of door een ad hoc toezicht. Dit laatste kan plaats vinden naar aanleiding van een klacht of op eigen initiatief. De bevoegdheid van de toezichtscommissie is weliswaar beperkt tot een adviesbevoegdheid. Het zijn de minister en uitzonderlijk de directeur-generaal van het Directoraat-Generaal Gezondheidszorg die de definitieve sanctionerende en preventieve maatregelen nemen.

… maar een beperkt takenpakket

Het toetsingsbereik van de toezichtscommissie (terug te vinden in art. 45) is echter enger geformuleerd en dit is een gemiste kans. Naast de controle van de fysieke en psychische geschiktheid van de gezondheidszorgbeoefenaars, is het toezicht beperkt tot de naleving van de kwaliteitswet. Dit is deels te verklaren doordat de wetgever alle relevante bepalingen over de kwaliteitsvolle praktijkvoering heeft willen onderbrengen in deze wet. Toch blijven er ook in andere wetten bepalingen overeind die hiermee verband houden en die zo aan het toezicht ontsnappen.

Vandaag kunnen de Provinciale Geneeskundige Commissies bijvoorbeeld nagaan of iemand zich schuldig maakt aan de onwettige uitoefening van een gezondheidszorgberoep, wat zij vervolgens moeten melden aan het bevoegde parket (art. 119, §1, 2°, c WUG). Deze misdrijven uit de WUG lijken buiten het toezicht van de toezichtscommissie te vallen. Door de uitgebreidere inspectiediensten zou deze commissie daartoe nochtans beter zijn uitgerust.

Ook de wet op de patiëntenrechten heeft duidelijk een ruimer bereik. Hoewel de wet kwaliteitsvolle praktijkvoering het recht op kwaliteitsvolle en dus zorgvuldige gezondheidszorg op een aantal plaatsen nader invult, zoals het verbod van simultane anesthesie (art. 16), gebeurt dit slechts fragmentair. Andere rechten uit de wet op de patiëntenrechten worden evenmin (volledig) vormgegeven in de wet kwaliteitsvolle praktijkvoering, zoals het recht op informatie, eerbiediging van het privéleven of het klachtrecht. De wetgever liet aldus de kans voorbijgaan om de rechten van de patiënt te versterken door ze te betrekken in het toezicht.

Verslapte aandacht voor de rechten van gezondheidszorgbeoefenaars

Bij het waken over de kwaliteit van de gezondheidszorg draagt de wetgever ook de rechten van de gezondheidszorgbeoefenaars niet altijd even hoog in het vaandel. Dit laat zich vooral voelen bij de bevoegdheid van de directeur-generaal om voorlopige preventieve maatregelen op te leggen (art. 57).

De onmiddellijke schorsingsbevoegdheid is verdergaand dan de huidige bevoegdheid van de Provinciale Geneeskundige Commissies. De directeur-generaal kan het visum, dat een voorwaarde vormt voor het verstrekken van gezondheidszorg en voortaan de bekwaamheid van de arts zal weergeven, schorsen indien er op basis van het proces-verbaal ernstige gevolgen voor de patiënten worden gevreesd of er ernstige en eensluidende aanwijzingen zijn dat de verdere beroepsuitoefening zware gevolgen voor de volksgezondheid zal hebben. Vooral de eerste voorwaarde is duidelijk minder strikt dan de te vrezen “zware” en vooral “imminente” gevolgen in de huidige regeling (art. 119, §1, in fine WUG).

De directeur-generaal kan onder deze voorwaarden nochtans overgaan tot de onmiddellijke schorsing, nog voordat de toezichtscommissie de gelegenheid heeft om een advies te formuleren na de gezondheidszorgbeoefenaar op diens verzoek te hebben gehoord.

Wel verzoekt de directeur-generaal de toezichtscommissie om binnen een termijn van dertig dagen een advies uit te brengen en brengt hij de betrokken beoefenaar ervan op de hoogte dat hij zijn opmerkingen kan bezorgen en op zijn verzoek wordt gehoord door de toezichtscommissie. Doordat de voorlopige maatregel dertig dagen kan worden gehandhaafd zonder dat de beoefenaar voorafgaand aan de beslissing werd gehoord, holt de nieuwe regeling het hoorrecht van de gezondheidszorgbeoefenaar in verregaande mate uit.

Besluit

De doelstellingen van de wet kwaliteitsvolle praktijkvoering zijn nobel. De wetgever had er echter goed aan gedaan om de verhouding met andere wetgeving en controle-instanties te verduidelijken. Bovendien lijken de aanpassingen aan de handhavingsprocedure niet altijd even doordacht. In die zin is de wet een gemiste kans om de rechten van de patiënten maar ook die van de gezondheidszorgbeoefenaars te versterken.

Steven Lierman is als hoogleraar medisch recht en administratief recht (KU Leuven) verbonden aan het Leuven Centre for Public Law en het Leuvens Instituut voor Gezondheidszorgbeleid (LIGB). Hij is tevens deeltijds hoofddocent internationaal en Europees gezondheidsrecht aan de Universiteit Antwerpen.

Op 19 november organiseren het LIGB en het Leuven Centre for Public Law, in samenwerking met de Universiteit Antwerpen en de Universiteit Gent, een studieavond in Leuven over de nieuwe wet kwaliteitsvolle praktijkvoering van 22 april 2019.


Any views or opinions represented in this blog post are personal and belong solely to the author of the blog post. They do not represent those of people, institutions or organizations that the blog or author may or may not be associated with in professional or personal capacity, unless explicitly stated.
Any views or opinions are not intended to malign any religion, ethnic group, club, organization, company, or individual.
All content provided on this blog is for informational purposes only. The owner of this blog makes no representations as to the accuracy or completeness of any information on this site or found by following any link on this site.
The owner will not be liable for any errors or omissions in this information nor for the availability of this information. The owner will not be liable for any losses, injuries, or damages from the display or use of this information.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.