Discriminatie op grond van vermeende handicap: een vacuüm in de EU anti-discriminatierichtlijnen

In de loop van 2020 verscheen het boek ‘Les grands arrêts en matière de handicap/ De belangrijkste arresten inzake handicap’. Daarin brengen bijdragen vanuit verschillende invalshoeken de belangrijkste rechtspraak bij om deze kritisch te analyseren. Deze blogreeks belicht enkele perspectieven. Deze week bespreken Marie Spinoy en Jogchum Vrielink attributieve discriminatie: discriminatie gebaseerd op bepaalde veronderstellingen over (de aanwezigheid van) een handicap. Beschermt het EU-antidiscriminatierecht hiertegen? En is dat wenselijk?

Continue reading “Discriminatie op grond van vermeende handicap: een vacuüm in de EU anti-discriminatierichtlijnen”

Rechters hebben last met verdeelde bewijslast in anti-discriminatiezaken

Op 4 augustus 2020 wees de Gentse rechtbank van eerste aanleg een vordering tot vaststelling van discriminatie op grond van handicap af. De uitspraak staat in schril contrast met eerdere rechtspraak en getuigt van een erg veeleisende interpretatie van de bewijsregels in het anti-discriminatierecht. Marie Spinoy en Jogchum Vrielink analyseren de zaak en leggen uit waarom deze interpretatie ingaat tegen de ratio legis van de bewijsregels.

Continue reading “Rechters hebben last met verdeelde bewijslast in anti-discriminatiezaken”

Height doesn’t matter? Het recht over lengtever-ijs-ten

"Height Marks"by Rob Dumas is licensed under CC BY-NC-SA 2.0

Vorige week meldde Radio 2 dat een Leuvense ijsjeszaak een studente weigerde aan te nemen omdat ze ‘te klein’ was. Wie kleiner is dan 1m60, zo luidde het, kan niet efficiënt aan de ijsjestoog (van 1m20 diep) werken. Volgens de studente in kwestie een  geval van discriminatie, temeer omdat ze bij een test overal vlot bij kon, maar hoe gaat het recht om met dergelijke lengtevereisten? Deze blogpost bekijkt enkele mogelijke pistes.

Continue reading “Height doesn’t matter? Het recht over lengtever-ijs-ten”